Knipsel.JPG
facebook-logo-new_edited.jpg

SCAD wil de dorpsgemeenschappen versterken door te investeren in opleiding, gezondheid, landbouwprogramma’s, werkgelegenheid. Veel aandacht gaat hierbij ook naar de bescherming van het milieu

 

Vrouwengroepen vormen het hart van de dorpswerking. Er zijn ruim 3.500 vrouwengroepen actief in 600 dorpen. Ze zijn betrokken bij alle aspecten van het dorpsleven en hun activiteiten passen in de millenniumdoelstellingen van de Verenigde Naties om globale armoede te reduceren. 

 

SCAD ondersteunt daarnaast nog steeds specifieke groepen die van niemand hulp kunnen verwachten:

de allerarmsten: zoutmijnarbeiders en landloze boeren, 

de uitgestotenen: zigeuners, slangenvangers, melaatsen

kinderen/personen met een beperking: lichamelijk, mentaal en/of   meervoudig 

 

We stellen vast dat voldoende voedsel, medische zorg, basiseducatie nog lang niet voor elk kind in Tamil Nadu vanzelfsprekend zijn en dat moeders en vrouwen nog steeds kwetsbaar zijn. We ondersteunen van harte de projecten van SCAD die hier het verschil maken. 

Lees de verhalen van Maravanmadam, V. Meema, Jeba Kumar, Steven

Maravanmadam: een vrouwengroep

 

Een vrouwengroep in Maravanmadam, heeft een kledingbedrijf opgericht.

Een aantal van deze vrouwen werkten onder een verzengende zon in de zoutpannen.

Anderen werkten in een sigarettenfabriek, waar ze 10 tot 16 uur op dezelfde plaats doorbrachten

en grote hoeveelheden tabaksstof inhaleerden. Dit soort werk is ronduit gevaarlijk. 

Met de hulp van SCAD hebben ze nu zicht op een beter leven.

Ze hebben hun eigen jobs gecreëerd en kunnen zo hun gezinsinkomen verhogen.

SCAD medewerkers hebben hen geholpen om zich als groep te organiseren.

Ze kunnen hun problemen delen, ze samen oplossen en sparen voor een betere toekomst. 

Ze kregen naailes en dankzij een grote vraag in de buurt kunnen ze nu tunieken en

bloezen maken en verkopen en zo een behoorlijk inkomen verwerven. 

Via een lening kochten ze een naaimachine, die ze in 10 maanden afbetaalden.

De groep werkt heel graag samen en de vrouwen ervaren een grote onderlinge solidariteit.

Jeba Kumar’s verhaal: een jongen met een beperking

Jeba Kumar, 10 jaar, lijdt aan cerebral palsy of hersenverlamming.

Toen SCAD hem leerde kennen, leefde hij erg geïsoleerd.

Zijn vader stierf toen hij 1 jaar oud was, zijn moeder werkte lange dagen om het gezin te onderhouden

en zo was Jeba gedurende het grootste deel van de dag op zichzelf aangewezen.

Toen het onderzoeksteam hem ontmoette, kroop Jeba rond in de eenvoudige hut.

Hij kon niet communiceren of interageren.

Het team onderzoekt elk kind. Daarna wordt een individueel revalidatieprogramma opgesteld.

‘Onze mensen kijken naar de specifieke noden van elk kind en stellen een behandeling

op punt zodat dit kind zijn/haar mogelijkheden optimaal kan ontwikkelen 

Onze aanpak is erg uniek in dit gedeelte van India.

 Met onze steun kreeg Jeba logopedie en leerde hij lezen en schrijven.

Hij kreeg regelmatig kinesitherapie waarbij zijn spieren gestretcht werden.’  

Nu stapt Jeba met behulp van krukken. Hij praat een beetje en zingt graag liedjes.

Hij maakte zoveel vorderingen dat hij nu minder ondersteuning nodig heeft,

tot hoop en opluchting van zijn moeder.

We willen hem nu de kans bieden om een beroepsopleiding te volgen.

Jeba hoopt op een dag een job te vinden zodat hij in zijn eigen onderhoud zal kunnen voorzien.

Er zijn meer Jeba's die hulp nodig hebben!

Een kind met een beperking wordt nog steeds gezien als een vloek voor de familie.

De ouders en vooral de moeder worden mentaal zwaar beproefd.

Aanvankelijk richten ouders zich vaak tot gebedshuizen om hun problemen op te lossen.

De echte noden van het kind worden genegeerd door onbegrip of ongeloof.

De fysische, mentale en sociale ontwikkeling van het kind lopen hierdoor gevaar. 

Kinderen met een beperking wonen vaak in afgelegen dorpen en bezoeken zelden een revalidatiearts of kinesitherapeut.

Hun ouders hebben vaak een slecht betaalde job en werken lange dagen. De familie van voedsel voorzien is hun prioriteit.

De kinderen worden vaak aan hun lot overgelaten zonder stimulatie of revalidatie.

 

 SCAD bezoekt intussen deze dorpen met een revalidatiebus: een team van fysiotherapeuten, voedingsdeskundigen en verzorgers geven thuisbegeleiding.

 

 SCAD heeft ook 5 centra waar kinderen met een beperking overdag kunnen verblijven terwijl de ouders werken. Deze centra zijn uitgerust met spelmateriaal en hulpmiddelen om de ontwikkeling van deze kinderen te stimuleren.

V.  Meena’s verhaal: de zigeunergemeenschap

V.Meena woonde 33 jaar in de zigeunergemeenschap van Pettai.

Deze mensen zwerven maar 2 of 3 weken per jaar rond en wonen de andere weken in het gebied dat SCAD hen hielp kopen.

De zigeunergemeenschap is één van de vele ‘onbereikbare’ groepen waarmee SCAD werkt om hen stabiliteit te verschaffen.  

V.Meena is een van de eerste 25 zigeunerkinderen die informele scholing kregen, ruim 20 jaar geleden.

De zigeunergemeenschap is zeer gesloten en er wordt vaak binnen de eigen groep getrouwd.

Als ze buiten de groep huwen, worden meisjes vaak verstoten.

 V.Meena huwde haar neef toen ze 13 was. Ze was 15 toen ze beviel van een jongetje dat heel jong

stierf. Ze kreeg nog twee dochters en een zoon. Haar oudste dochter gaat naar de middelbare school

en is heel gelukkig. 

V.Meena denkt dat haar dochter een ander leven zal leiden.

Ze is blij dat ze goed leert en misschien kan ze verder studeren en de lerarenopleiding van

SCAD volgen. Als haar dochter goed opgeleid wordt, is ze een rolmodel voor andere studenten,

meent V Meena. V.Meena is de voorzitter van de Pettai’s vrouwengroep.

Deze groep wordt democratisch geleid door vrijwilligers uit het dorp zoals

V. Meena en ondersteund door SCAD’s team van animators.

Zij  bezoeken  de groepen regelmatig  om hun kennis te delen en training te voorzien op

verschillende gebieden

binnen de gezondheidszorg en opvoeding.  

Een van de eerste prioriteiten in elke zelfhulpgroep is de opstart van een spaarclub zodat mensen

geld kunnen lenen binnen de groep.

Geld verdienen is geen probleem voor de zigeunergroep.

Maar zonder deze spaarclub, die slechts lage interesten vraagt, is het haast onmogelijk om iets op

te starten. Men moet elders vaak tot 120 % interest op een lening betalen! 

Wanneer dorpelingen goedkoper kunnen lenen, kunnen ze investeren in andere zaken die de

gemeenschap ten goede komen. Een voorbeeld is het Pettai woonproject.

Voor een huis betaalt een familie 17.500 Rs, (+ € 200 ). SCAD voorziet 25.000 Rs.(+ € 300)

en de overheid subsidieert 70.000 Rs.( + € 820)

Er zijn veel manieren om een gemeenschap te helpen

Het nieuwe woonproject en de opleidingsmogelijkheden voor zigeunerkinderen zijn twee

voorbeelden van een hele waaier activiteiten die we aanwenden om dorpelingen en hun dorpen meer zelfvoorzienend te maken.

Stevens verhaal: lepralijders in Tamil Nadu

​Steven leeft nu 25 jaar in de leprozerie van Pettai. Er leven momenteel 54 families in Pettai en SCAD is de enige organisatie die hen steunt.

Voor hij ziek werd, was Steven ploegbaas op een bouwwerf. Hij ontdekte dat hij melaats was in 1977 omdat hij merkte dat hij het gevoel in zijn handen verloor. Hij was gehuwd maar toen het duidelijk werd dat hij ziek was, weigerde zijn vrouw bij hem te blijven. Zijn zus stond op het punt te huwen en zijn familie zei dat hij niet bij hen kon blijven omdat andere mensen zouden zien dat hij melaats was.​

Tien jaar nadat hij zijn familie had verlaten, zagen Cletus en Amali Steven en enkele andere lepralijders toen ze aan het bedelen waren bij het station. Verstoten door de maatschappij was bedelen de enige manier om hun kost te verdienen. Cletus en Amali boden onmiddellijk hulp: ze gaven materiaal om hutten te bouwen.

Jaren later was er tenslotte genoeg geld om Stevens eerste huis te bouwen in 1993.

Bijna 20 jaar daarna kreeg het melaatsendorp overheidssteun om grotere woningen te bouwen. 

SCAD begon met onderwijs voor de kinderen van de lepralijders.

De kinderen gaan nu naar school en velen bemachtigen een goede job zodat ze hun ouders

kunnen steunen.

Elke maand krijgt een melaatse RS1,000 (12 dollar) subsidie voor zijn of haar familie.

Steven zegt dat dit onvoldoende is maar ze knopen de eindjes aan elkaar omdat zijn zoon werkt

als chauffeur. Zijn andere zoon studeerde aan de polytechnische school en heeft nu een winkel.

In de toekomst zullen we dit dorp niet langer moeten ondersteunen omdat ze voldoende hulp

zullen krijgen van hun familieleden  

Lepralijders hebben nood aan voortdurende behandeling en zorg omdat ze meestal ongeneeslijke

wonden hebben en omdat hun ziekte chronisch is. De voorzieningen voor deze mensen zijn

minimaal. SCAD startte met een klein gezondheidscentrum in  Sathyanagar bij Pettai, Tirunelveli

in 1990, dat sindsdien alleen maar gegroeid is.

Het gezondheidscentrum geeft deze mensen toegang tot goede en continue medische

ondersteuning. Een dokter en een gezondheidswerker zijn aangesteld om hen te behandelen voor hun gerelateerde kwalen. SCAD bezorgt ook hulpmiddelen zoals rolwagens en krukken om hun mobiliteit te verbeteren. Er zijn tot dusver 54 permanente huizen en 16 rieten woningen gebouwd in een melaatsenkolonie waar de getroffen mensen kunnenleven met hun familieleden.

Gezondheidsvoorzieningen en woonomstandigheden van deze mensen verbeteren. Kinderen studeren aan de SCAD school in Pettai en er zijn 3 vrouwengroepen actief in de gemeenschap. SCAD voorziet een maandelijkse subsidie om in het onderhoud van deze mensen te voorzien en sommigen hebben een nieuwe bezoldigde activiteit gevonden waardoor ze niet langer moeten bedelen langs de straten.

Er zijn veel manieren om de mensen die moeilijk te bereiken zijn en hun gemeenschap te helpen.

Subsidies, onderwijskansen en vrouwengroepen waarin vrouwen kunnen praten met elkaar en elkaar steunen zijn voorbeelden van initiatieven die SCAD neemt om dorpen en hun bewoners meer zelf bedruipend te maken.


 

maravandam.PNG
jeba kumar.PNG
v meena.PNG
stevenlepra.PNG